14/07/2008

Marxisme : Speculatie maakt crisis nog erger


spéculatie

N

a de speculatie op de vastgoedmarkt werpen de financiële markten zich nu op petroleum en voedingsmiddelen en drijven ze zo de prijzen op. Ligt die casino economie aan de basis van de crisis?

 Wat is de oorzaak van definanciële crisis die we nu meemaken? In alle ernst:de speculatie speelt wel een belangrijke rol in de snelle stijging van de grondstoffenprijzen, maar is daarom nog niet de oorzaak van de crisis. Ze is er wel een gevolg van. Ziehier waarom.

 De echte bron van winst in het kapitalisme is de uitbuiting van de werknemer in het productieproces. De winst is niet meer of minder dan het deel van het werk dat de werknemer levert en dat niet door de patroon betaald wordt - wat Marx de meerwaarde noemt.

 In een periode van economische expansie (wanneer de werknemers het meeste koopkracht hebben) kunnen de kapitalisten al hun geproduceerde waren verkopen. En in de vorm van geld, strijken ze de winst op op het moment dat de waar verkocht wordt. Die winst die uit de werknemers gehaald wordt, kunnen ze opnieuw investeren in machines en grondstoffen. En ook in de aanwerving van werknemers die op hun beurt meer winst voortbrengen voor hun werkgever. En gelijktijdig, om nog meer winst te maken, willen de kapitalisten de lonen doen dalen.

Stijgende prijzen en achterop lopende lonen

 Zo zie je dat het aandeel van de lonen in het totaal van de jaarlijks geproduceerde rijkdom, de voorbije vijftien jaar met ongeveer 10 % gedaald is. De machine stokt: de geproduceerde goederen geraken minder en minder verkocht. Het kapitaal wordt niet meer op de eerste plaats geïnvesteerd in de productie.

 Men begint meer te investeren in de financiële markten, in hetgeen in een nabije toekomst zeker nog verhandeld zal worden: woningen (vastgoed), levensnoodzakelijke producten zoals energie (petroleum en elektriciteit) en voedingsmiddelen. Die speculatie voedt zichzelf: vermits er toch veel kapitaal beschikbaar is en men ziet dat er daar winsten te rapen vallen, stort men zich op die financiële luchtbellen. Men spreekt over een kapitalisme dat meer en meer parasitair wordt, omdat het minder en minder verbonden is met de productie.

 Hoe hoger de prijzen, hoe groter de winst, hoe meer er in die sector geïnvesteerd wordt en hoe hoger dat de prijzen weer doet stijgen (de speculatieve luchtbel). Tot op de dag dat de prijzen zo hoog worden dat de koopkracht van de werknemers niet meer kan volgen. Op dat moment zakt de luchtbel in elkaar. Met in haar zog een hele rits catastrofes.

 Het is precies dat wat gebeurde met de instorting van de luchtbel van de Amerikaanse vastgoedmarkt. Daardoor kwamen sinds vorige zomer duizenden Amerikanen letterlijk op straat te staan. Dankzij de uitgebreide kredietmogelijkheden konden de Amerikaanse werkende mensen tot vorig jaar blijven consumeren. Maar met de crisis in de vastgoedsector konden de gezinnen plots geen leningen meer afsluiten. Want hun leningen waren gehypothekeerd en hadden de waarde van hun huis als borg. Nu die waarde ineen zakt, daalt ook hun leningscapaciteit en daarmee ook hun consumptie.

 Een heel groot deel van de kapitalen op de beurs heeft zich daarop teruggetrokken uit de vastgoedluchtbel en zich op de grondstoffen gestort. Vandaag is het de speculatie op de voedingsmiddelen die honderden miljoenen mensen in de derde wereld uithongert en de koopkracht doet dalen. En het is de petroleumluchtbel die het de mensen alsmaar moeilijker maakt hun energiefactuur te betalen. Maar net als de andere speculatieve bellen, kunnen ook die elk moment uiteenspatten. En dan zal de financiële crisis zich uitbreiden tot de reële economie (industrie).

 De crisis zal de werkende mensen dan niet meer alleen met de inflatie confronteren, maar ook met herstructureringen en afdankingen. De kapitalisten – tenminste degenen die het hoofd koel hebben gehouden en niet mee in het bad zijn gesprongen waardoor ze genoeg winst en liquide middelen hebben weten te vergaren - zullen dan andere bedrijven die failliet gaan voor een prikje kunnen opkopen.

Antispeculatiewetten zijn dringend nodig

 Het inperken van speculatie raakt misschien niet aan de wortels van het kwaad, maar toch zouden antispeculatiewetten direct kunnen verhinderen dat de financiële markten de last van de crisis enkel op de werkende mensen afwentelen.

 Nu kunnen de speculanten (verbonden aan de grote financiers) zonder beperking doen wat ze willen, ook bij de speculatie op voedingsmiddelen en energie. Maar geen enkele Europese regering heeft ernstige maatregelen voorgesteld om die speculatie in te perken, de financiële stromen te controleren of de winsten van de kapitalisten aan te pakken.

 In de Europese Unie zou men ermee moeten beginnen het artikel van het Verdrag van Lissabon over het vrije verkeer van kapitalen in te trekken. Men zou ermee moeten beginnen om de speculatieve leningen in te perken, de meerwaarden gemaakt op de beurs te belasten en de termijnmarkten die tot speculatie aanzetten af te schaffen...

Les commentaires sont fermés.